Spoedgeval? Bel naar 0413 - 47 26 50

Tandfracturen, cariës en tandwortelinfecties

 

Tandfracturen

Net zoals bij de mens en alle andere diersoorten kunnen tanden breken. Dit kan gebeuren door trauma (bv. klap op de snijtanden), ten gevolge van een aandoening van de tand (bv. secundair aan cariës of EOTRH) of om een andere (onbekende) reden (idiopathisch).

Daarnaast kunnen tanden op verschillende manieren breken, van een barst, een splinterfractuur, een ‘slab’ fractuur tot overlangse en complexe multipele breuken.
Niet elke fractuur betekent een groot probleem. Veel hangt af van de (omvang van de) schade die is aangericht aan de vitale structuren van de tand. Bij het openen van een wortelkanaal ontstaat het risico op infectie met een chronische tandwortelinfectie tot gevolg. Ook kunnen losse fragmenten schade berokkenen aan omliggende structuren.
Het is dus niet zo eenvoudig om al deze verschillende gevallen te bespreken. Onthoud dat wanneer je paard verdacht is of bekend is met een tandfractuur, deze een grondige inspectie van de mond te beurt hoort te vallen. Soms kunnen RX-opnames of andere medische beeldvormingstechnieken meer duidelijkheid geven over de omvang van de problemen en de beste behandeling.

 

Cariës - Infundibulum Necrose

Cariës of tandbederf zoals we deze vaak zien bij de mens komt eerder zelden voor bij paarden. Hiervoor zijn verschillende redenen aan te halen. Denk hierbij aan het ander dieet, het langdurige kauwproces en de andere opbouw van de tand (hypsodonte tanden - ‘gemaakt om te slijten’).

Relatief frequent echter kunnen we bij de bovenkiezen van het paard cariës-achtige veranderingen waarnemen op het kauwvlak. Meestal situeren deze zich in (en rond) de glazuurbeker (infundibulum) van de tand. Deze aandoening van de maxillaire (boven) kiezen (bijna steeds de 4e kies (.09)) komt meest voor bij paarden ouder dan ca. 12 jaar. Door dit carieuze proces ontstaat een holte (holtes) in de kies. Deze verzwakken de tand waardoor de kans op een pathologische fractuur van deze kiezen vergroot. Ook kan in sommige gevallen infectie doorheen dit letsel in de wortelkanalen belanden. Dit leidt tot een tandwortelinfectie met vaak drainage van etter via de sinussen (voorhoofdsholtes). Typisch is dan een paard met een eenzijdige stinkende neus uitvloei.

 

Tand(wortel)infecties

Infectie van de vitale structuren van een tand (de pulpaholtes of wortelkanalen) kan op verschillende manieren ontstaan;
-Binnendringende infectie vanuit de mond ten gevolge van bv een gebroken kies, een open pulpa-holte of via ernstig ontstoken tandvlees
-Ontsteking en infectie van 1 of meerdere tandwortels (apicale infectie) ten gevolge van trauma of ten gevolge van spreiding infectie via het bloed
Wanneer een infectie zich nestelt rondom een wortelpunt is deze voor het lichaam vaak moeilijk te bestrijden en ontstaat vaak een chronische sluimerende ontsteking. Ook antibiotica-behandelingen kennen slecht een matig resultaat. Wanneer bovendien het ontstekingsproces heeft geleid tot het ontstaan van een fistel (kanaaltje naar de buitenwereld toe) waarlangs etter draineert, is vaak een extractie van de aangetaste tand de enige oplossing.

 

Tandextracties

In elk van bovenstaande gevallen kan - maar hoeft niet noodzakelijk - een tandextractie de enige oplossing zijn. Hierbij wordt de volledige tand verwijderd. Verschillende technieken werden hiervoor ontwikkeld:

- Orale extractie met behulp van tangen
Bij de orale extractie krijgt het paard een sedatie (versuffing), wordt lokaal verdoofd en krijgt een geleidingsanesthesie van het deel van de kaak waar de te verwijderen kies zich bevind. Het paard zal hierdoor geen pijn voelen tijdens de extractie en zal hierdoor zo stil mogelijk blijven staan waardoor de procedure zo goed mogelijk uitgevoerd kan worden. Het tandvlees rondom de kies word voorzichtig losgemaakt en wordt met behulp van verschillende tangen en spreiders geprobeerd om de kies stukje voor stukje los van de tandkas te maken. Nadat de kies verwijderd is wordt er met de orale scoop nauwkeurig bekeken of er geen restanten achter gebleven zijn. Er wordt zover mogelijk een ‘’rubberen’’ plug in de opening gezet. Deze plug zorgt ervoor dat er geen voer in de opening kan gaan zitten en dat het tandvlees kan genezen. Na enkele weken wordt deze plug vervangen of verwijderd.  

- (Minimaal invasieve) buccotomie
Als het niet lukt om via de mond de kies te verwijderen kan er gekozen om een buccotomie uit te voeren. Hierbij wordt een toegang tot de tand verschaft via een klein gaatje in de wang. In dit gaatje komt een ijzeren staafje te zitten waardoorheen de instrumenten toegang tot de mond verkrijgen. Na het verwijderen van de tand wordt dit gaatje dicht gehecht en heeft het paard hier verder geen last van.

- Trepanatie/Repulsie
Hierbij wordt de te verwijderen tand anders benaderd. Via een botflap wordt de alveole (tandkas) (en bij bovenkiezen vaak ook de sinus) geopend waarna de tand uitgebeiteld kan worden. Deze ingreep gebeurt onder algemene narcose. Bij deze technieken is er duidelijk meer letsel aan de omliggende structuren en een hoger risico op complicaties. In de afgelopen jaren heeft er een sterke ontwikkeling plaatsgevonden in materiaal en techniek om tanden te verwijderen bij het paard. Hierdoor is het ondertussen mogelijk om in meer dan 90% van de gevallen tanden te trekken bij het staande paard. Dit betekent een meer diervriendelijke ingreep met minimaal letsel aan de omliggende structuren en een kleiner risico op complicaties.